EU-Commissie wil conversietherapie-verbod in alle lidstaten — maar zonder duidelijke definitie
Eurocommissaris Hadja Lahbib kondigde op 13 mei 2026 aan dat de Europese Commissie in 2027 met een niet-bindende aanbeveling komt die lidstaten oproept conversiepraktijken te verbieden. Acht lidstaten hebben al zo'n wet, met uiteenlopende sancties. Nederland nam zijn eigen conversiewet op 16 juni 2026 aan.
Ruim een maand voordat de Eerste Kamer op 16 juni 2026 de Wet strafbaarstelling conversiehandelingen aannam (bron), kondigde de Europese Commissie op 13 mei 2026 een eigen stap aan. Eurocommissaris voor Gelijkheid Hadja Lahbib maakte bekend dat de Commissie in 2027 met een aanbeveling komt die de lidstaten oproept conversiepraktijken te verbieden (bron). "We sturen zo een krachtig signaal dat deze praktijken gevaarlijk zijn en illegaal moeten worden", zei Lahbib volgens VRT NWS (bron). Euronews tekende van haar op, hier vertaald uit het Duits: "Je kunt de identiteit van een mens niet wegfolteren" (bron).
Een aanbeveling, geen wet
Belangrijk detail: de aanbeveling is niet-bindend. Het burgerinitiatief waarop de Commissie reageerde, had om een bindend EU-breed verbod gevraagd. Op de vraag waarom dat er niet komt, wees Lahbib volgens Euronews op het ontbreken van unanimiteit onder de lidstaten; ook zei ze dat het onderwerp grotendeels onder de bevoegdheid van de lidstaten valt (bron). Landen blijven dus zelf verantwoordelijk voor de precieze invulling: wat telt als conversietherapie, wie strafbaar is, en welke uitzonderingen er gelden voor ouders, zorgverleners of geestelijken die vragen stellen bij een genderidentiteit in plaats van die te bevestigen.
Acht landen, uiteenlopende sancties
Acht EU-lidstaten hebben al een landelijk verbod: Malta (2016), Duitsland (2020), Frankrijk en Griekenland (2022), Spanje, België en Cyprus (2023) en Portugal (2024) (bron). Buiten de EU nam het IJslandse parlement in juni 2023 een verbod aan (bron) en geldt in Noorwegen sinds 1 januari 2024 een strafbepaling met maximaal drie jaar gevangenisstraf, en zes jaar voor de zware variant (bron). De aanpak verschilt sterk. Volgens een overzicht van de onderzoeksdienst van het Europees Parlement is de maximumstraf in Malta en Duitsland één jaar, in België twee jaar en in Frankrijk en Cyprus drie jaar; in Portugal is dat drie jaar, en vijf jaar als de behandeling tot onherstelbare schade heeft geleid. Spanje koos in de landelijke wet niet voor gevangenisstraf maar voor boetes tot 150.000 euro, met de mogelijkheid een instelling drie tot vijf jaar te sluiten (bron). In België kan de rechter daarnaast een beroepsverbod tot vijf jaar opleggen (bron). Die spreiding is precies waar het misgaat: hoe breder de definitie, hoe groter het risico dat ook therapeutische exploratie, uitstel-adviezen of simpelweg ouderlijke terughoudendheid onder het verbod komen te vallen.
Het Nederlandse precedent
Die spanning is in Nederland al zichtbaar. De Nederlandse conversiewet verbiedt het beroepsmatig of in organisatieverband uitvoeren van handelingen die erop gericht zijn iemands seksuele gerichtheid of genderidentiteit te veranderen of te onderdrukken, bij minderjarigen en bij meerderjarigen in een kwetsbare situatie. Tegenstanders in de Eerste Kamer vonden begrippen als 'stelselmatig' en 'indringend' te weinig uitgewerkt en vroegen of de wet uitvoerbaar en handhaafbaar is (bron). De toevoeging «stelselmatig of anderszins op indringende wijze» kwam tijdens de behandeling in het voorstel; een motie om daarover eerst extra voorlichting aan de Raad van State te vragen, werd verworpen (bron). Het Europese burgerinitiatief waarop de Commissie reageerde, kreeg de steun van 1,1 miljoen burgers (bron). Volgens VRT NWS, dat een rapport van het EU-Grondrechtenagentschap aanhaalt, heeft 24 procent van de LHBTQIA+-personen en bijna de helft van de transpersonen in de EU zulke praktijken meegemaakt (bron). Cijfers die het probleem onderstrepen, maar niets zeggen over waar de grens moet liggen tussen het bestrijden van dwang en het criminaliseren van twijfel.
Wat dit betekent voor de Nederlandse wet
Voor Nederland verandert de Europese aanbeveling niets aan de wet zelf: de Eerste Kamer nam die op 16 juni 2026 aan, en zij treedt op 1 januari 2027 in werking (bron). De kernvraag die critici van de conversiewet stelden, blijft daarmee liggen: wie bepaalt straks in de spreekkamer of een arts of therapeut «stelselmatig of anderszins op indringende wijze» bezig is, en wie niet?
Saskia Weijermars
Redactie
Veelgestelde vragen
Meer lezen over de conversiewet? Bekijk alle artikelen of de wettekst.